Een leverancier mailt u een pdf. Uw administratie tikt de regels over, iemand controleert het btw-tarief met de hand, en drie weken later blijkt dezelfde factuur twee keer geboekt. Dat is geen uitzondering in het Nederlandse mkb — dat is de standaardsituatie zodra facturatie nooit echt gedigitaliseerd is.
E-factureren lost dat op. Maar er zit veel ruis omheen. De ene partij zegt dat het "volgend jaar verplicht wordt", de andere stuurt u een UBL-bestand dat uw pakket niet inleest, en een derde verwart Peppol met een bestandsformaat. Bij doo.FINANCE, Odoo Gold Partner, krijgen wij deze vraag wekelijks van Nederlandse controllers.
Dit artikel zet de feiten op een rij: wat in Nederland écht verplicht is en wat niet, wat UBL en Peppol precies zijn, wat u concreet aanzet in Odoo, en hoe u controleert dat u werkelijk verzendt én ontvangt.
Is e-factureren in Nederland verplicht?
Begin bij het eerlijke antwoord, want hier gaat het meestal mis. Nederland is België niet. Er is op dit moment geen algemene Nederlandse verplichting om B2B elektronisch te factureren.
Wat wél verplicht is, is de overheidskant. Ondernemersplein, het officiële ondernemersloket van de overheid, is er kort over: "Levert u goederen of diensten aan de Rijksoverheid? Dan moet u een e-factuur sturen." Decentrale overheden — gemeenten, provincies en waterschappen — eisen dat soms ook. Dat is de B2G-verplichting, en die staat los van uw facturatie aan bedrijven.
Voor gewone handelsfacturen tussen bedrijven laat de Belastingdienst u vrij: "U bepaalt zelf of u uw facturen op papier of digitaal verstuurt." Daar hangt wel een voorwaarde aan: "uw afnemer moet ermee akkoord gaan dat u digitaal factureert." En u moet zekerheid kunnen geven over "de echtheid van herkomst, de inhoud en de leesbaarheid" van die digitale factuur. Uw klant is dus niet verplicht een e-factuur te accepteren.
Ook de Nederlandse Peppolautoriteit, die het netwerk in Nederland onder toezicht houdt, is expliciet: er zijn nog geen concrete afspraken gemaakt om e-factureren via Peppol in Nederland verplicht te stellen.
Wat betekent dat praktisch? E-factureren in Nederland is vandaag marktadoptie, geen mandaat. Uw grote klanten en de overheid vragen erom; de wetgever niet. Op Europees niveau verandert dat beeld wel, maar dat is een ander tijdpad — daarover schreven wij eerder in ViDA: de digitale revolutie in het Europese btw-systeem. Wie nu inricht, doet dat dus uit eigenbelang en niet onder tijdsdruk. Dat is precies het moment waarop u het rustig goed kunt doen.
Wat zijn UBL, NLCIUS en Peppol precies?
Deze drie termen worden voortdurend door elkaar gehaald. Ze horen op verschillende lagen thuis.
UBL is het bestand, niet het netwerk
UBL (Universal Business Language) is een XML-formaat. Een UBL-factuur is een gestructureerd databestand dat het boekhoudsysteem van uw klant direct kan inlezen: factuurnummer, regels, btw-tarieven, IBAN, alles als veld. Een pdf is dat niet — ook niet als er een mooie lay-out omheen zit. Een pdf per e-mail is een digitale factuur, geen e-factuur.
Boven op UBL liggen afspraken over welke velden verplicht zijn. De Europese norm EN 16931 legt de semantiek vast. NLCIUS is de Nederlandse invulling daarvan, en Peppol BIS Billing 3.0 de invulling die op het Peppol-netwerk wordt gebruikt. In de praktijk zijn beide compatibel: de Handreiking basisfactuur Rijk van Logius beschrijft de basisfactuur als volledig conform NLCIUS én Peppol BIS.
Let op de oude standaard. SI-UBL 1.2, veel gebruikt tussen 2013 en 2019, is door de Nederlandse Peppolautoriteit per 1 juli 2022 optioneel verklaard, en de Rijksoverheid accepteert dit formaat sinds 1 januari 2023 niet meer. Draait uw huidige koppeling nog op SI-UBL 1.2, dan is dat geen randgeval maar een openstaand risico.
Peppol is het netwerk, niet het bestand
Peppol is de infrastructuur waarover die UBL-bestanden reizen. Het werkt volgens een vierhoeksmodel: u levert uw factuur aan bij uw access point, dat access point zoekt het adres van de ontvanger op en levert af bij diens access point, dat de factuur in het systeem van uw klant zet. U hoeft geen enkele afspraak met uw klant te maken over protocollen of formaten — het netwerk regelt dat.
Daarvoor hebt u één ding nodig: een elektronisch adres, uw Peppol-ID. Voor Nederlandse bedrijven is het gebruikelijk daarvoor het KvK-nummer te gebruiken, zodat andere deelnemers u kunnen vinden. Overheidsorganisaties gebruiken hun OIN, een 20-cijferig organisatie-identificatienummer.
De Rijksoverheid zelf zit sinds begin 2024 op Peppol via haar eigen Rijksoverheid Access Point (ROAP); daarnaast bestaat Digipoort nog als kanaal. Voor u als leverancier is de consequentie eenvoudig: bent u op Peppol aangesloten, dan bereikt u de Rijksoverheid en uw zakelijke klanten via hetzelfde kanaal.
Peppol en UBL activeren in Odoo: vier stappen
Odoo is zelf access point en SMP op het Peppol-netwerk. U hebt dus geen aparte serviceprovider nodig om te kunnen verzenden en ontvangen. De inrichting valt uiteen in vier stappen.
Stap 1 — Nederlandse localisatie en btw-instellingen kloppend maken
Installeer de Nederlandse localisatie (l10n_nl). Die brengt het Nederlandse rekeningschema mee, de btw-tarieven (21%, 9% en 0%) en de rapportage voor de btw-aangifte en de ICP-opgaaf.
Loop daarna uw stamgegevens na. Dit is de meest onderschatte stap en tegelijk de oorzaak van de meeste afkeuringen:
- KvK-nummer en btw-identificatienummer van uw eigen onderneming volledig ingevuld;
- IBAN correct en gekoppeld aan het juiste bankjournaal;
- adresgegevens compleet, inclusief landcode;
- btw-tarieven correct toegewezen aan uw producten en diensten, ook voor verlegde btw en intracommunautaire leveringen.
Een e-factuur wordt machinaal gecontroleerd. Een ontbrekend veld dat op een pdf niemand opvalt, leidt hier tot een technische afkeuring.
Stap 2 — Peppol activeren en uw elektronisch adres registreren
Ga in Odoo naar de instellingen van Accounting en klik in de sectie PEPPOL Electronic Invoicing op Activate Electronic Invoicing. U geeft uw endpoint identifier op (voor de meeste Nederlandse ondernemingen: het KvK-nummer), plus een e-mailadres en telefoonnummer voor de verificatie. De registratie is doorgaans binnen een dag actief.
Vanaf dat moment staat uw onderneming in het Peppol-adresboek en kunnen andere deelnemers u vinden. Registreert u meerdere vennootschappen, dan doet u dit per vennootschap — één Peppol-adres per juridische entiteit.
Stap 3 — het juiste formaat per klant instellen
Odoo ondersteunt onder meer BIS Billing 3.0, NLCIUS en XRechnung CIUS. U stelt het formaat in per klant: open de klantfiche, ga naar het tabblad Accounting en kies het formaat in de sectie voor klantfacturen.
Voor facturen aan de Rijksoverheid gelden twee extra eisen die u niet kunt overslaan: het OIN van de afnemende dienst en het inkoopordernummer. Logius waarschuwt daar expliciet voor — een onjuiste referentie, bijvoorbeeld met een voorvoegsel, spaties of punten, leidt tot langere verwerkingstijd. Leg dat ordernummer daarom vast als verplicht veld in uw verkoopproces, niet als vrije notitie achteraf.
Stap 4 — inkomende facturen laten binnenkomen
E-factureren is geen eenrichtingsverkeer, en dit is de helft die het vaakst vergeten wordt. Wijs in dezelfde Peppol-sectie het inkoopjournaal aan waarin ontvangen documenten moeten landen. Odoo importeert binnenkomende facturen dan automatisch en maakt er conceptleveranciersfacturen van, met de regels en btw-bedragen al ingevuld.
Uw crediteurenproces verandert daarmee wezenlijk: uw team stapt van overtikken naar controleren en goedkeuren.
